Legalisering online gokken Nederland een feit

Online gokken nu ein-de-lijk legaal!

Het kostte bloed, zweet en tranen, maar de kogel is door de kerk. De senaat heeft vanmiddag in navolging van de Tweede Kamer ingestemd met het wetsvoorstel Kansspelen op Afstand (KoA), dat 1677 dagen (!) eerder werd ingediend. Daarmee is de legalisering van online gokken in Nederland een feit en kunnen binnen- en buitenlandse goksites bij de Kansspelautoriteit een vergunning aanvragen waarmee ze vanaf medio 2020 online kansspelen en weddenschappen kunnen aanbieden.

Legalisering online gokken Nederland

Legalisering online gokken Nederland Na jarenlang politiek getouwtrek en het betere lobbywerk, was het vanmiddag dan ein-de-lijk zover: groen licht voor het wetsvoorstel dat kansspelen op afstand, oftewel online gokken, moet legaliseren en reguleren. De meerderheidssteun van de VVD, D66, PvdA, GroenLinks en de Partij voor de Vrijheid (PVV) voor de nieuwe gokwet gaf de uiteindelijke doorslag, zoals reeds verwacht. Dat de christelijke partijen (SGP, ChristenUnie en CDA) evenals de SP, 50Plus, OSF en Partij voor de Dieren (PvdD) bij hun oorspronkelijk standpunt bleven en tegen stemden, deed daar niks aan af.

Het besluit van de senaat markeert het einde van een lastig wetgevingsproces. Bovendien eentje van de zeer lange adem. Hoewel al sinds het begin van deze eeuw duidelijk is dat het huidige gokbeleid – de uit 1964 stammende Wet op de Kansspelen - niet toereikend genoeg is, werd pas vijftig jaar later vanuit Den Haag een daadwerkelijke poging ondernomen om het spelen van online kansspelen uit de illegale sfeer te halen. Online gokken was in de zwaar gedateerde wetgeving immers niet meegenomen en derhalve dus verboden.

Wetsvoorstel Kansspelen op Afstand

Op 18 juli 2014 gaf toenmalig staatssecretaris van Justitie Fred Teeven met het wetsvoorstel Kansspelen op Afstand de eerste aanzet tot de legalisering van online gokken. De liberalisering en regulering van de onlinegokmarkt moest zorgen voor een veilig en verantwoord Nederlands aanbod. Toch bleek het een behoorlijke opgave om de wet ook daadwerkelijk door de Tweede Kamer te loodsen. Men kon het immers lange tijd niet eens worden over allerlei details, zoals: de afdracht van belastingen, de aanpak van illegale goksites, gokpreventie en meer.

Het eindeloze politieke getouwtrek kan voor een groot deel op het conto van allerlei lobbygroepen worden geschreven. Zo preekt de machtige Nederlandse loterij-industrie (Postcode Loterij, Staatsloterij, De Lotto) vooral voor eigen parochie, om hun sterke marktpositie niet te verliezen. De komst van allerlei legale goksites brengt die immers in gevaar. “We begrijpen dat het verstandig is om het online gokken te reguleren”, stelt Postcode Loterij-woordvoerder Martijn van Klaveren in het Financieele Dagblad. “Maar wij hebben de minister wel gewezen op het risico dat de hoge opbrengsten voor de samenleving uit de loterijen in het gedrang komen.” Onder meer door het verplichte afdrachtspercentage aan goede doelen te verlagen van vijftig naar veertig procent kwam de regering de Nederlandse loterijen al flink tegemoet.

Toch duurde het opnieuw bijna twee jaar voor het wetsvoorstel Kansspelen op Afstand door de Tweede Kamer werd aangenomen (7 juli 2016). In de tussentijd wendde de Nederlandse consument zich voor een online weddenschap massaal tot buitenlandse aanbieders, waardoor de schatkist jaarlijks tientallen miljoenen euro’s aan belastingcenten misliep. Een kabinetswisseling en flinke weerstand in de Eerste kamer zorgde ervoor dat het wetsvoorstel pas vandaag, op 19 februari 2019, in de senaat in stemming werd genomen. De politieke vertegenwoordigers, vooral uit christelijke hoek, hadden zo hun bedenkingen bij de nieuwe gokwet. Ten onrechte, aldus minister Sander Dekker (Rechtsbescherming) in het Financieele dagblad: “Deze maatregelen zorgen voor een robuuster kansspelbeleid in Nederland. De ongeveer half miljoen onlinespelers in Nederland worden hiermee beter beschermd, en het illegale en onveilige aanbod wordt teruggedrongen.”

Strenge Nederlandse kansspelwetgeving

Het eindeloos durende wetgevingsproces - door Teeven destijds ‘een van de meest gelobbyde dossiers’ genoemd – kwam de hoge heren uit Den Haag op de nodige kritiek te staan. Niet alleen omdat de overheid gedurende het politieke getouwtrek dus de nodige kansspelbelasting misliep doordat Nederlanders in de tussentijd ‘gewoon’ bij buitenlandse online casino’s hun heil zochten, maar ook omdat het buitenlandse gokbedrijven zou afschrikken om zich op de Nederlandse onlinegokmarkt te storten. De Kansspelautoriteit waarschuwde zelfs dat buitenlandse aanbieders na zo’n lang en slopend wetgevingsproces geen interesse meer zouden hebben in een Nederlandse goklicentie.

Die vrees van de kansspelwaakhond lijkt echter ongegrond. Als buitenlandse gokbedrijven passief blijven zal dat meer te maken hebben met de strenge Nederlandse kansspelwetgeving. Zo kunnen buitenlandse partijen worden ontmoedigd door zaken als:  

  • Een belastingtarief van 29% - in het oorspronkelijke wetsvoorstel was een belastingpercentage van twintig procent opgenomen, maar omdat Holland Casino reeds 29 procent afdraagt, werd gekozen voor het laatste tarief. Dat is Europees gezien aan de hoge kant, wat ten koste gaat van het uitkeringspercentage.
  • Allerlei voorzieningen om het verslavingsrisico van online gokken te beperken – de nieuwe gokwet zet vol in op verslavingspreventie, waarbij een belangrijke rol is weggelegd voor de Kansspelautoriteit, maar ook de aanbieders zelf. Zo moeten spelers zich bij goksites aanmelden met hun burgerservicenummer en een speellimiet opgeven. Dreigt een bezoeker vervolgens te ontsporen, dan moet de aanbieder ingrijpen en de consument doorsturen naar de juiste verslavingszorg. Ook moet het online casino een verslavingsdeskundige aanstellen die zo nodig huisbezoeken kan afleggen.

“Individueel zijn al die maatregelen oké”, stelt Speel Verantwoord-directeur Rutger-Jan Hebben in het Financieele Dagblad, die met zijn organisatie de belangen behartigt van internationale goksites als Unibet, Betfair en Bwin. “Maar bij elkaar roepen ze de vraag op of er wel genoeg ruimte is om een weddenschap te plaatsen.”

Nederlandse onlinegokmarkt interessant

Toch zal ook de achterban van Hebben vanaf vandaag werk maken van een officiële vergunning. De Nederlandse onlinegokmarkt is namelijk bijzonder interessant. Niet alleen omdat Nederland al jarenlang behoort tot de EU-28-landen met de meeste huishoudens met internettoegang, maar ook omdat het een van de rijkste landen ter wereld is – het bruto binnenlandse product (bbp) hoort tot de top van de EU-28-landen. Bovendien zit de markt in de lift. Onderzoek van Holland Casino, uitgevoerd door Motivication, stelt dat de gokmarkt de afgelopen twee jaar met twintig procent is gegroeid. Inmiddels zouden 1,8 miljoen Nederlanders gokken, die samen zo’n 600 miljoen euro inleggen.

Circa driehonderd gokbedrijven zouden inmiddels bij de Kansspelautoriteit belangstelling hebben getoond voor een vergunning. Naar verwachting zullen ongeveer vijftig aanbieders erin slagen ook daadwerkelijk een goklicentie te scoren. Dat heeft vooral te maken met de hoge drempel die de toezichthouder hanteert: goksites moeten van ‘onbesproken gedrag zijn’ (anders dreigt een ‘afkoelingsperiode’ - zie onder), maar ook de financiële slagkracht hebben om te voldoen aan alle eisen en voorwaarden die kleven aan nieuwe gokwet.

Wanneer de eerste legale Nederlandse goksites live gaan, is nog afwachten. Maar de Rijksoverheid schrijft op haar site dat medio 2020 het streven is: "Onder strikte voorwaarden worden vanaf medio 2020 vergunningen verleend en online kansspelen in goede banen geleid. Hiermee kunnen Nederlandse spelers veilig spelen in een eerlijke markt."

Extra huiswerk voor de regering: aangenomen moties

Naast de nieuwe kansspelwetgeving werd er vanmiddag door de Eerste Kamer ook gestemd over zes moties, waarvan de volgende werden aangenomen: 

  • De motie-Postema (PvdA), die erop toeziet dat alleen vergunningen worden verstrekt aan aanbieders die zich voor een periode van minimaal twee jaar 'niet onvergund, actief en specifiek op de Nederlandse markt hebben gericht'. Een 'afkoelingsperiode' dreigt dan ook voor goksites die eerder zijn beboet door de Kansspelautoriteit. De motie-Gerkens (SP) om de periode van 'goed gedrag' op te krikken naar maar liefst vijf jaar, haalde het niet. 
  • De motie-D. van Dijk (SGP), waarin de regering wordt gevraagd om 'een verbod op reclame voor (online) gokken te overwegen, de consequenties daarvan in kaart te brengen en de Kamers hierover voor 1 september 2019 nader te informeren.' De motie-Strik (GroenLinks) voor een algeheel reclameverbod werd van tafel geveegd. 
  • De motie-Bikker (ChristenUnie), die de regering vraagt om bij evaluatie van de nieuwe kansspelwetgeving te bekijken of er voldoende maatregelen zijn genomen om te voorkomen dat jongeren probleemgokkers worden en of er extra maatregelen nodig zijn. 
  • Een tweede motie-Postema (PvdA), over het blokkeren van goksites van illegale aanbieders.

Kortom, extra huiswerk voor de regering in aanloop naar een volledig gereguleerde Nederlandse onlinegokmarkt.


OnlineCasinoGids.com